Daar zitten we.
Zeven vrouwen, zeven verhalen.
Zoveel verschillen, maar toch ook zoveel gemeen.
Die ochtend heb ik er zin in. Na één pittige werkafspraak, rijd ik door naar Achsa. Mijn hoofd zit vol en de werksituatie zit nog onder mijn huid. Het voelt verkeerd om zomaar te stoppen met werken. Ik voel me schuldig dat ik de boel laat voor wat het is en iets voor mijzelf ga doen. Een soort spijbelen…. “Zal ik net doen of mijn hele aanmelding gisteren er niet is geweest en gewoon verder werken?”, schiet het even door me heen.
Natuurlijk ga ik wèl en heb vanaf de carpoolplek precies 8 minuten om te schakelen.
Ik parkeer mijn auto, check nog even in de mail waar ik binnen precies moet zijn en raap mezelf bij elkaar om ogenschijnlijk vol vertrouwen over de drempel te stappen.
Ik kom binnen tijdens een korte pauze en dat is een prettige start.
Ik voel me de verloren dochter, die welkom wordt geheten!
En daar zitten we nu dus. Ik mag meteen in de schijnwerper door mezelf voor te stellen aan de hand van 3 vrouwenkaarten. Niks even dobberen op een band of even toekijken vanaf de rand. Hop, meteen maar in het diepe:
Wie was ik als kind?; wie ben ik nu?; en wat wil ik zijn na het programma?
Ik vertel: “Vroeger liet ik niet zien wat er allemaal was. Het zag er misschien niet altijd grijs uit, maar zo voelde het wel. Nu is er al veel meer kleur gekomen, maar blijf ik hangen in mijn hoofd. Op de derde kaart is voor mij alles in balans. Wat er in zit, komt er uit en vormt een mooi geheel.”

Tot mijn verrassing blijft mijn hart rustig door kloppen. Stik ik niet in mijn gedachtes en verzuip niet in mijn gevoel. Ik voel ruimte om te delen, ruimte om te zijn:
Na de heerlijke lunch en een potje tafeltennis in de frisse lucht, tekenen we ons gezin van herkomst. Niemand kan echt tekenen. Het is desondanks indrukwekkend wat èlke tekening, hoe eenvoudig of onvolledig ook, laat zien. Zeven vrouwen, zeven gezinnen, zeven verhalen.
Een aantal vragen resoneren nog na in mijn hoofd. Ik ben een nakomertje. Dat wordt ook zichtbaar in mijn tekening. Kom ik het feit dat ik een nakomertje ben, ook nog tegen in het hier en nu? Kom ik misschien vaker achteraan? Kom ik vaker op een later tijdstip aan, zoals vanmorgen? Hoe zit het met mijn gaven en talenten, liggen die nog altijd in de wieg misschien, omdat ik alleen maar de leuke baby hoefde te zijn?
Heeft je geboorte en je plek in de rij echt zo’n grote betekenis?
Zeven vrouwen, die elkaar nog maar een paar uur kennen.
Zeven vrouwen, vol vragen, verlangens, dromen en angsten. Al zoveel gedeeld en al zoveel gezien. Dag 1 zit erop. De sprong is genomen.

In mijzelf is de strijd inmiddels gestaakt. Er komt rust en de energie begint te stromen. Eén ding is duidelijk: ik moet hier zijn.
Het is goed. Opgetogen ga ik naar huis.
